800 jaar oude kerken in Groningen kraken onder zomerse droogte

vandaag, 18:45

Behalve met aardbevingsschade kampen Groningse middeleeuwse kerken mogelijk ook met schade door droogte. Dat stellen klimaat- en bodemdeskundigen in een verkennend onderzoek in opdracht van de provincie Groningen en de Stichting Oude Groninger Kerken. Ze onderzochten de invloed van droogte op de wierden waarop kerken staan in Oostum en Den Ham, ten noordwesten van de stad Groningen.

Aanleiding voor het onderzoek is schade aan de kerk in Oostum. Die werd ontdekt in 2018, terwijl juist twee jaar daarvoor vermoedelijke aardbevingsschade was hersteld. Sindsdien zijn daar geen grote bevingen meer geweest, maar de schade lijkt nog steeds toe te nemen. De onderzoekers denken daarom dat bodembewegingen door de droogte een rol spelen. Ze waarschuwen dat meer erfgoed dit probleem heeft.

Het schip van het kerkje van Oostum staat er al 800 jaar, vertellen beheerders Hesther le Grand en Niels Smit Duyzentkunst. Ze houden van hun kerkje. Le Grand: "Ik vind het altijd een beetje zijig klinken, maar het doet iets met de energie dat het al zo oud is. Op de een of andere manier voel je dat."

Ouderdom

Die lange geschiedenis is goed te zien voor een getraind oog. "Het was een booggewelfkerkje, maar al na twee eeuwen waren ze er flauw van en hebben ze er een balkenplafond in gezet", vertelt Smit Duyzentkunst, wijzend naar het dak. "Weer twee eeuwen later kwam de kansel erin en de herenbanken. De hele geschiedenis zie je hier."

Het levert een mooi tijdsbeeld op, maar de laatste jaren verschijnen steeds meer scheuren in de muren. Waar scheuren zijn, kruipt water en krijgt ouderdom grip op het eeuwenoude godshuis, dat daardoor in verval raakt.

De scheuren in het gebouw zijn goed te zien:

"Het is niet vanzelfsprekend dat de kerk hier over 800 jaar nog staat, want de veroudering gaat nu heel erg snel", vertelt lector klimaatadaptatie Floris Boogaard van de Hanzehogeschool. "Gronings trots", noemt hij dit soort kerkjes, waarvan er naast de twee onderzochte gebouwen volgens hem meer kampen met deze problematiek.

"We hebben naar de beweging van het gebouw gekeken en ook naar de wierden. Je merkt dat de kerk in Oostum aan het bewegen is", legt hij uit. Het onderzoek loopt twee jaar en voordat definitieve conclusies kunnen worden getrokken is langduriger onderzoek nodig. Boogaard weet al wel zeker dat de ondergrond van de kerk krimp- en zwelgevoelig is. Dat kan vergaande effecten hebben bij langdurige droogte.

Langere droge periodes

"Je ziet dat de grondwaterstanden uitzakken", zegt Boogaard, die de bodem in kaart bracht. "Van veen is bekend dat het oxideert en compacter kan worden. En dan heb je nog klei. Die hebben we in het laboratorium bemonsterd en blijkt 'krimp-zwel-klei' te zijn. Dat betekent dat die zwelt als er water bij komt en dat die grond bij droogte naar beneden gaat."

De wetenschapper benadrukt dat allerlei factoren een rol spelen bij scheurvorming in kerken; naast droogte bijvoorbeeld ook zwaarder verkeer, veranderingen in de omgeving en aardbevingen. Behalve de droogte zijn geen van die factoren in de afgelopen jaren wezenlijk veranderd in deze regio, terwijl de scheuren veel erger zijn geworden.

Boogaard: "Het klimaat verandert. De droogteperiodes zijn significant langer: in 2018 was het twee maanden droog en dat heeft gewoon echt effect". Ook dit jaar kende uitzonderlijk lange droge periodes. "De intensiteit zie je terug in de bouwkundige staat van dit gebouw."

Kuilen graven

Oplossingen worden nog nader onderzocht, maar wat volgens de onderzoekers in ieder geval nodig is, is een stabiele waterhuishouding bij de oude kerkjes. Bij Oostum zouden bijvoorbeeld wat kuilen kunnen worden gegraven rond de kerk, zodat daar water in loopt dat langzaam in de bodem zakt. Dat soort maatregelen zullen op meer plekken verlichting kunnen bieden, denken ze.

De beheerders in Oostum zijn blij met het onderzoek. "Ik vind het heel fijn dat mensen nu aan het kijken zijn wat het is en wat we ermee kunnen", zegt Smit Duyzentkunst. "Voor de hele gemeenschap zou het mooi zijn als dit soort plekken kunnen blijven bestaan." Le Grand: "Ook over 800 jaar nog."