Aantal eerste asielaanvragen daalt in derde kwartaal

vandaag, 07:33

Het aantal eerste asielvragen in het derde kwartaal van 2026 is met 13 procent gedaald ten opzichte van diezelfde periode een jaar geleden. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van voorlopige cijfers van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND).

In het derde kwartaal, dat loopt van 1 juli tot en met 30 september, deden bijna 5900 mensen voor het eerst een asielaanvraag. Dat zijn er 850 minder dan in 2025. Vooral Eritreeërs en Syriërs deden minder aanvragen. Het ging om 480 aanvragen van Eritreeërs en 470 van Syriërs, ongeveer de helft minder dan een jaar eerder.

Toch ligt het aantal eerste asielaanvragen in de eerste negen maanden van 2026 nog 8 procent hoger dan in dezelfde periode van 2025.

Europese asiel- en migratiepact

Sinds 12 juni geldt het Europese asiel- en migratiepact, met als belangrijkste doel het aantal migranten dat illegaal de EU binnenkomt omlaag te brengen en meer controle te krijgen over de asielinstroom. Het derde kwartaal is dus het eerste volledige kwartaal sinds de invoering van het pact.

De IND is ook anders gaan werken. Medewerkers moeten asielaanvragen nu binnen een half jaar afhandelen, terwijl die procedure eerder vaak zo'n twee jaar duurde. Om dat mogelijk te maken, is de procedure versimpeld.

Vluchtelingenwerk Nederland en asieladvocaten waarschuwden dat de procedure weliswaar sneller gaat, maar dat dat ten koste gaat van de zorgvuldigheid en kwaliteit. Vooral kwetsbare asielzoekers lopen daardoor risico.

Minder nareizigers

Uit de CBS-cijfers blijkt ook dat in het derde kwartaal 3200 nareizende familieleden van statushouders naar Nederland kwamen. Dat is aanzienlijk minder dan in het derde kwartaal in 2025, toen er 4700 nareizigers naar Nederland kwamen. Van hen kwam ongeveer 70 procent uit Syrië. Het aantal nareizigers over heel 2026 is vrijwel gelijk aan vorig jaar.

Los van het Europese asiel- en migratiepact werd op 12 juni van dit jaar ook het tweestatusstelsel ingevoerd, wat erop gericht is om de Nederlandse asielketen te ontlasten en de instroom van asielzoekers en nareizigers te verminderen.

A- en B-status

Dat stelsel maakt onderscheid tussen vluchtelingen met een A-status en mensen met een B-status, bijvoorbeeld mensen die voor oorlog zijn gevlucht. Asielzoekers zonder vaste vluchtelingenstatus (die de B-status hebben) mogen nu pas na twee jaar hun gezin laten overkomen.

Ook moeten ze volgens de nieuwe regels eerst huisvesting hebben, genoeg geld hebben om hun familie te onderhouden en is de nareis beperkt tot het kerngezin.

Of de daling van het aantal asielaanvragen samenhangt met de invoering van de nieuwe regels, is onduidelijk. Zowel het CBS als de IND kan dat verband niet bevestigen, meldt persbureau ANP.