Geen passende lesmethodes in speciaal onderwijs: 16-jarigen leren uit boekjes groep 3

vandaag, 06:00

Leerlingen in het gespecialiseerd onderwijs krijgen les uit schoolboeken die niet specifiek voor hen bedoeld zijn. Dat zeggen mensen uit het vakgebied tegen de NOS. Dat heeft ernstige gevolgen: de kinderen leren veel minder, waardoor ze minder zelfredzaam zijn.

Scholen komen nu met een landelijk platform met lesmateriaal dat wel aansluit. Maar financiering vanuit de overheid is onvoldoende en onzeker.

Voor Ilja de Voogd was het iets waarover hij zich het meest verbaasde toen hij acht jaar geleden directeur werd van VSO Alphons Laudyschool in Amsterdam, een middelbare school voor speciaal onderwijs. "Er zijn geen passende lesmethodes voor onze doelgroep. Dat is onze realiteit."

Niche

Commerciƫle uitgevers van schoolboeken wagen zich niet aan lesmateriaal voor de bijna 110.000 leerlingen in Nederland met onder meer leer- en gedragsproblemen, lichamelijke en verstandelijke beperkingen. "We zijn een niche", zegt De Voogd. "We zijn financieel niet interessant genoeg."

Uitgevers erkennen dat. "De groep leerlingen is zo klein dat het al snel te duur wordt om speciaal voor die groep iets te maken", reageert Jorien Castelein van branchevereniging MEVW. "Helaas is het leermiddelenaanbod voor deze groep onvoldoende op maat."

Boeken uit het reguliere onderwijs voldoen niet, zegt Herald Hofmeijer, lerarenopleider gespecialiseerd onderwijs aan de Hogeschool van Amsterdam. "Die gaan uit van een andere ontwikkelingssnelheid. Voor het gespecialiseerd onderwijs moet je tussenstappen maken en meer herhalen, anders lopen de kinderen binnen no time achter."

Fysieke situaties

Ook sluit het lesmateriaal niet goed aan bij hun belevingswereld. In de klas van voormalig leraar van het jaar Steffie van der Meijden leidde dat weleens tot 'fysieke situaties'. "Als je als 16-jarige groot op de voorkant van je taalboek 'groep 3' ziet staan, dan is dat super confronterend. Het leidt tot grote frustraties. De tafels vlogen weleens door het lokaal."

Daarom zijn de leerlingen nu afhankelijk van welwillende leraren. Soms krijgen die tijdens hun werkdag tijd om zelf materialen te maken, zoals bij de school van directeur De Voogd. "Dat kost veel tijd. Ze zijn er dagelijks mee bezig."

Veel vaker doen ze het in hun vrije tijd. "Ik was ook zo'n docent die ieder weekend en elke vakantie lessen aan het maken was", zegt Van der Meijden.

Vanuit de belangenbehartiger van het gespecialiseerd onderwijs, de sectorraad GO, werkt zij aan een oplossing: GOpen, een landelijk digitaal platform, waar leraren lesmaterialen van goede kwaliteit kunnen uitwisselen. Begin maart gaat het platform live met de eerste vijftig lessen, die zijn ontwikkeld door twee teams met onder anderen docenten en onderwijskundigen.

Schooldirecteur De Voogd zou hier erg mee geholpen zijn. "Het is belangrijk dat er meer uniformiteit komt in het lesmateriaal en dat expertise gebundeld wordt. Mijn leerkrachten houden dan meer tijd over voor begeleiding van de leerlingen."

Een van de scholen die meewerken aan GOpen is het Heliomare College Alkmaar voor gespecialiseerd voortgezet onderwijs. Docent Chantal Kuyl-Mater heeft met eigen ogen gezien hoe belangrijk goed lesmateriaal is. Voorheen lukte het veel kinderen niet om goed te leren lezen, merkte ze. "Elke keer was dat voor hun een bevestiging van: zie je wel, ik kan het niet."

De onvrede die ouders uitten over het leesonderwijs gaf een duwtje in de rug om zelf lesmateriaal te ontwikkelen. "We geven nu taalles dicht bij de belevingswereld van de leerlingen."

Met resultaat. De kinderen zijn niet alleen beter gaan lezen, ze bloeien helemaal op. "Leerlingen kunnen zelf een WhatsApp lezen, de menukaart lezen in een restaurant. Het geeft ze zelfstandigheid en doet iets met hun eigenwaarde. Als je de wereld om je heen beter begrijpt, kun je er ook beter in functioneren."

Vrijwilligersbijdrage

Dat lesmateriaal komt dus ook op GOpen. Doel van Van der Meijden is om uiteindelijk volledig te voorzien in leermateriaal voor het speciaal onderwijs.

Daar is wel een stevige overheidsbijdrage voor nodig volgens de sectorraad GO. Nu kunnen ze leraren slechts een vrijwilligersbijdrage betalen uit de subsidie en draaien scholen grotendeels op voor de kosten.

Of daar verbetering in komt, is nog maar de vraag. Vorige week heeft het ministerie van Onderwijs subsidie voor het platform toegezegd tot 2030, maar hoeveel is onduidelijk. Wat na 2030 gebeurt, is onzeker.

Reactie ministerie:

Het ministerie van Onderwijs schrijft in een reactie dat de situatie bij hen bekend is. Schoolboeken voor blinden en slechtzienden worden wel aangepast, aldus het ministerie. Die maken een half procent uit van de hele groep.

De subsidie voor GOpen is "bedoeld als een kwaliteitsimpuls", tijdelijk van aard en "niet ingericht om in alle gevallen kostendekkend te kunnen zijn".

Dat veel leraren in hun vrije tijd lesmateriaal ontwikkelen, "herkennen wij niet als structureel probleem".